
De Raad van Bestuur van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft de Artikel IV-consultatie met Suriname voor 2025 afgerond. Hoewel de economische groei op korte termijn naar verwachting solide blijft dankzij positief sentiment rond de oliesector, waarschuwt het IMF dat budgettaire en monetaire verslappingen in 2025 eerdere vooruitgang in het herstel van macro-economische stabiliteit hebben ondermijnd.
Volgens het IMF zijn kasbuffers afgenomen, is de Surinaamse munt verzwakt en is de inflatie opnieuw opgelopen tot dubbele cijfers. De bruto staatsschuld is gestegen tot naar schatting 106 procent van het bruto binnenlands product (bbp), voornamelijk als gevolg van een succesvolle schuldbeheeroperatie. Het tekort op de lopende rekening is naar verwachting boven 30 procent van het bbp uitgekomen, vooral door importen voor offshore-olieprojecten die grotendeels met buitenlandse directe investeringen (FDI) zijn gefinancierd.
Groei vertraagt, maar olie biedt perspectief
De economische groei vertraagt momenteel door een daling van de goudproductie. Voor 2026 wordt een groei van 4,7 procent in de niet-grondstoffensector verwacht, gesteund door optimisme rond olie-ontwikkelingen. De ontwikkeling van olievelden en een relatief stabiele goudproductie zouden de groei tot 2028 rond 4 procent kunnen houden. Wanneer de offshore-olieproductie daadwerkelijk op gang komt, kan de groei rond 2028 oplopen tot circa 30 procent.
Tegelijkertijd wijst het IMF op neerwaartse risico’s, met name als beleidsverslappingen aanhouden. Op langere termijn vormen nieuwe olie- en gasontwikkelingen juist een mogelijk opwaarts potentieel.
Oproep tot strakker beleid en hervormingen
IMF-directeuren erkennen de vooruitgang die Suriname heeft geboekt onder het in maart 2025 afgeronde IMF-programma, maar benadrukken dat recente verslappingen stabilisatiewinsten hebben aangetast, juist nu het land aan de vooravond staat van grootschalige olieproductie. Zij roepen op tot hernieuwde inzet voor prudent macro-economisch beleid, sterkere instituties en beter bestuur.
Het verbeteren van de begrotingsbalans is volgens het IMF cruciaal om druk op de wisselkoers en inflatie te beperken en buffers te herstellen. Voor 2026 wordt een aanzienlijke begrotingsaanpassing nodig geacht. Aanbevolen maatregelen zijn onder meer het hervatten van de afbouw van elektriciteitssubsidies, beheersing van de loonmassa, verbreding van de belastingbasis en digitalisering van de belastinginning.
Beheer olie-inkomsten en monetair beleid
Het IMF benadrukt dat sterke instituties nodig zijn om toekomstige olie-inkomsten goed te beheren. De onlangs aangenomen wetgeving rond public financial management en het Staatsolie-/Sovereign Wealth Fund moet volledig en tijdig worden uitgevoerd om transparant beheer van mijnbouwinkomsten te garanderen.
Monetair beleid moet volgens het Fonds duidelijk gericht zijn op prijsstabiliteit. Het terugbrengen van de reservegeldhoeveelheid naar de doelstellingen via open-marktoperaties is daarbij belangrijk. Ook wordt geadviseerd valutainterventies te beperken tot situaties van ernstige marktverstoring.
Daarnaast pleit het IMF voor versterking van de financiële sector, beter risicobeheer bij banken, intensiever toezicht — ook op niet-bancaire instellingen — en verdere hervormingen op het gebied van goed bestuur en corruptiebestrijding. Extra aandacht wordt gevraagd voor toezicht op staatsbedrijven en verbetering van dataverzameling.
De volgende Artikel IV-consultatie met Suriname staat gepland volgens de reguliere 12-maandencyclus.





