sunnews_logoSURINAME U-NEWS
NIEUWS
SHS-GI vraagt meer aandacht voor Inheemse slavernij in onderzoek naar Oranjes
lokaal/Trending Berichten/Published on: zaterdag 03 oktober 2026, 07:20 PM
SHARE
SHS-GI vraagt meer aandacht voor Inheemse slavernij in onderzoek naar Oranjes

De Stichting Herdenking Slavernijverleden – Global Indigenous (SHS-GI) vraagt om structureel vervolgonderzoek naar Inheemse slavernij en de banden met het Huis Oranje-Nassau. Volgens de stichting krijgen de geschiedenis en perspectieven van Inheemse gemeenschappen onvoldoende aandacht in het onlangs gepresenteerde onderzoek naar het koloniale verleden van het koningshuis.

 

Voorzitter Diana Vlet was op uitnodiging van onderzoeker Gert Oostindie aanwezig bij de presentatie van het onderzoek. Namens SHS-GI uitte zij kritiek op de beperkte aandacht voor Inheemse slavernij. Volgens de stichting werd deze kritiek ook door de NOS opgetekend. Ook vertegenwoordigers van Inheemse organisaties, waaronder IKC en ROI, waren aanwezig.

 

Onderzoek naar bredere geschiedenis

In het onderzoek wordt Bernharddorp, het geboortedorp van Vlet, genoemd in relatie tot het koningshuis. Volgens SHS-GI kan de geschiedenis van één dorp echter niet de volledige geschiedenis van Inheemse volken vertegenwoordigen.

 

De stichting stelt dat er voldoende aanknopingspunten zijn voor verder onderzoek. Een vooronderzoek dat Sjoerd Ramackers voor SHS-GI uitvoerde, beschrijft onder meer een ontmoeting van Inheemse bezoekers met Willem III op Paleis Het Loo in 1687, een advies aan Willem V uit 1790 over een verbod op Inheemse slavenhandel in Essequibo en brieven van Inheemse vertegenwoordigers aan koningin Juliana uit 1957 en 1974 over achterstelling en rechten.

 

Ook wordt verwezen naar de tentoonstelling van Inheemse mensen achter een hek in Amsterdam in 1883.

 

Volgens SHS-GI bieden deze gebeurtenissen belangrijke aanknopingspunten voor onderzoek naar slavernij, koloniale machtsverhoudingen en de relatie tussen Inheemse volken en het koningshuis.

 

Vlet zou het onderzoeksrapport een jaar voor de presentatie persoonlijk aan Oostindie hebben overhandigd, in aanwezigheid van Garrelt Verhoeven en Martijn Storms. De stichting stelt daarom dat de genoemde aanknopingspunten beschikbaar waren, maar dat verdiepend onderzoek naar Inheemse slavernij en de Oranjes onvoldoende prioriteit heeft gekregen.

 

Inheemse gemeenschappen moeten betrokken worden

Tijdens het panelgesprek bij de presentatie bekritiseerden Hermine Haman, Guno Jones en Esther Captain volgens SHS-GI eveneens de beperkte aandacht voor Inheemse perspectieven. Zij benadrukten volgens de stichting de noodzaak van vervolgonderzoek.

 

SHS-GI vindt dat onderzoek naar de geschiedenis van Inheemse volken niet volledig kan zijn zonder hun kennis, ervaringen en perspectieven. Inheemse gemeenschappen moeten volgens de stichting daarom inhoudelijk kunnen meebeslissen over onderzoeksvragen, de uitvoering en de interpretatie van onderzoeksresultaten.

 

Oproep tot concrete maatregelen

De stichting roept universiteiten, de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en betrokken ministeries op om de achterstand aan te pakken, onder meer binnen de Nationale Wetenschapsagenda.

 

SHS-GI pleit concreet voor structurele financiering van onderzoek naar Inheemse slavernij en de banden met het Huis Oranje-Nassau, meer ruimte voor Inheemse onderzoekers en inhoudelijke zeggenschap van Inheemse gemeenschappen.

 

Daarnaast vraagt de stichting om een brede onderzoeksaanpak waarin zowel archiefbronnen als Inheemse kennis en mondelinge overlevering worden meegenomen.

 

Volgens SHS-GI moet erkenning worden gevolgd door concrete inzet en middelen. De stichting stelt dat herstel ook betekent dat wordt geïnvesteerd in de geschiedenis en perspectieven die volgens haar lange tijd zijn gemarginaliseerd.

Gerelateerd nieuws