
DNA-lid Asiskumar Gajadien heeft de regering gevraagd om duidelijkheid te verschaffen over de uitvoering en handhaving van de Wet Hazardspelen, met name over de vergunningverlening aan online casino’s en de wettelijk voorgeschreven afbouw van gamecenters en verkooppunten.
In een brief aan president Jennifer Simons, via de voorzitter van De Nationale Assemblée, stelt Gajadien dat de kansspelsector bijzondere aandacht verdient vanwege de aard en omvang van de geldstromen. Volgens hem is dit eveneens van belang in het kader van het AML/CFT-traject en de aanbevelingen van de Caribbean Financial Action Task Force (CFATF).
Gajadien wijst erop dat de wettelijke regeling inzake hazardspelen in september 2023 tot stand kwam. Naar verkregen informatie zouden de betreffende online casinovergunningen ongeveer acht tot tien maanden later zijn verleend. Vanaf de vergunningverlening is volgens hem ook de wettelijk voorgeschreven afbouwregeling voor bestaande gamecenters en verkooppunten van toepassing.
De regeling schrijft onder meer voor dat in het eerste jaar minimaal 35 procent moet worden afgebouwd. In het tweede jaar moet vervolgens 50 procent van het resterende aantal worden verminderd, waarna in het derde jaar verdere afbouw moet plaatsvinden tot het wettelijk toegestane aantal.
Gajadien wil daarom weten hoeveel online casinovergunningen tot nu toe zijn verleend en op welke data deze vergunningen zijn afgegeven. Ook vraagt hij om informatie over het aantal operationele gamecenters en verkooppunten bij de vergunningverlening en het huidige aantal, uitgesplitst per vergunninghouder.
Daarnaast vraagt het DNA-lid naar de controles die de Gaming Board heeft uitgevoerd en eventuele maatregelen die zijn getroffen bij niet-naleving van de wettelijke voorschriften. Ook wil hij weten wat het concrete tijdpad is voor de verdere afbouw.
Verder vraagt Gajadien informatie over de financiële en transactiegegevens die vergunninghouders moeten registreren en beschikbaar moeten stellen aan de Gaming Board. Hij wil tevens weten op welke wijze de Gaming Board toezicht houdt op deze gegevens.
Volgens Gajadien heeft hij daarnaast informatie ontvangen dat mogelijk nog een online casinovergunning is verstrekt naast de vergunningen waarop de wettelijke regeling betrekking heeft. Hij vraagt de regering te bevestigen of dit inderdaad het geval is. Indien dat zo is, wil hij weten wanneer en aan wie de vergunning is verleend, op welke wettelijke grondslag dit is gebeurd en hoe deze vergunningverlening zich verhoudt tot het wettelijk vastgestelde maximum van drie vergunningen.
Gajadien benadrukt dat zijn verzoek niet is gericht tegen een individuele onderneming. Hij noemt onder meer Suribet en Su Live Betting als bekende aanbieders die in de sector actief zijn. Volgens hem moet iedere marktdeelnemer zich, ongeacht de onderneming of vergunninghouder, aan de wettelijke voorschriften en vergunningsvoorwaarden houden.
De regering en de Gaming Board moeten volgens Gajadien erop toezien dat de regels voor alle vergunninghouders op gelijke wijze worden toegepast en gehandhaafd. Vooral tegen de achtergrond van het CFATF-traject moet Suriname volgens hem kunnen aantonen dat het AML/CFT-stelsel niet alleen wettelijk is ingericht, maar ook daadwerkelijk en effectief wordt uitgevoerd en gehandhaafd.
Hij heeft de regering verzocht de gevraagde informatie, voorzien van relevante cijfermatige gegevens, aan De Nationale Assemblée te doen toekomen.





