
Eric Commiesie is op 14 oktober 2026 gepromoveerd aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname (AdeKUS). Hij verdedigde met succes zijn proefschrift Tuberculosis Control in Suriname: An Analysis of Transmission Dynamics, Drug Resistance, and National Control Strategies tijdens een openbare zitting in de Centrumkerk, de officiële aula van de universiteit. Zijn promotor was dr. S. Vreden.
Uit het onderzoek van Commiesie blijkt dat de tuberculosebestrijding in Suriname nog niet onder controle is. Er vindt nog steeds intensieve overdracht van de besmettelijke ziekte plaats, vooral onder risicogroepen, waaronder mensen die leven met hiv en mensen die drugs gebruiken. Daarnaast zijn er tekortkomingen in het contactonderzoek en kampt het Nationaal Tuberculose Programma (NTP) al jaren met een tekort aan personeel en middelen.
Aantal besmettingen blijft zorgwekkend
Volgens cijfers van het NTP werden in 2015 in Suriname 150 tuberculosegevallen geregistreerd. In 2025 waren dat er 131. Het geschatte aantal gevallen per 100.000 inwoners daalde in dezelfde periode licht, van 35 naar 34.
Gemiddeld had 23 procent van de tbc-patiënten ook een hiv-infectie. Van de patiënten in de periode 2015-2020 rapporteerde 43 procent drugsgebruik en/of alcoholmisbruik als risicofactor.
Ook de sterfte onder tbc-patiënten is relatief hoog, vooral bij degenen die tegelijkertijd met hiv zijn geïnfecteerd. De gemiddelde sterfte bedroeg 13 procent onder alle tbc-patiënten en 23 procent onder patiënten met zowel tuberculose als hiv.
Het onderzoek wijst verder uit dat het contactonderzoek onder personen die in contact zijn geweest met tbc-patiënten onvoldoende effectief verloopt. Daarnaast komen drugsgebruikers relatief vaak voor in grote clusters van tbc-patiënten. Dit wijst op een intensievere overdracht van de ziekte binnen deze groep.
Opkomst hiv beïnvloedde tuberculosebestrijding
Uit een historische analyse blijkt dat tuberculose rond 1925 een belangrijke oorzaak van sterfte was in Suriname. De sterfte bedroeg toen 261 per 100.000 inwoners. In de periode 1976-1981 was dit cijfer sterk gedaald tot 1,9 per 100.000 inwoners. Hierdoor werd tuberculose niet langer als een prioritair volksgezondheidsprobleem beschouwd.
Met de opkomst van hiv nam het aantal tbc-gevallen echter weer toe, net als in andere delen van de wereld.
Een evaluatie van het NTP laat volgens het onderzoek zien dat het programma onvoldoende capaciteit heeft om alle activiteiten uit te voeren die nodig zijn om de tbc-epidemie duurzaam terug te dringen. Het gebrek aan personeel en middelen vormt al enkele jaren een belemmering voor een effectieve bestrijding en behandeling van de ziekte.
Meer financiering en actieve opsporing nodig
Op basis van zijn bevindingen beveelt Commiesie aan dat de overheid meer politieke prioriteit geeft aan de bestrijding van tuberculose en zorgt voor adequate en duurzame binnenlandse financiering. Hierdoor moet het NTP over voldoende personeel en de benodigde middelen kunnen beschikken om zijn taken naar behoren uit te voeren.
Daarnaast moet het programma meer aandacht besteden aan de actieve opsporing van tuberculose onder groepen met een verhoogd risico, waaronder mensen die leven met hiv en mensen die drugs gebruiken. Een goede samenwerking met het nationale aidsprogramma en organisaties die zich inzetten voor drugsgebruikers en andere sociaal achtergestelde groepen is daarbij noodzakelijk.
Ook moeten contacten van tbc-patiënten beter worden onderzocht en moeten mensen met een tuberculose-infectie waar nodig preventief worden behandeld.
Verder wordt aanbevolen de samenwerking met internationale partners, zoals het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO), voort te zetten.
Volgens de conclusies van het onderzoek zijn deze maatregelen van groot belang om de doelstellingen van de internationale End TB Strategy te behalen en tuberculose tegen 2035 te elimineren.





