
DNA-lid Ameerani Jarbandhan heeft president Jennifer Geerlings-Simons schriftelijk verzocht om een volledig financieel, juridisch en technisch overzicht van het China-Suriname-woningbouwproject te Reeberg. Volgens Jarbandhan is een transparante reconstructie van de geschiedenis van het project noodzakelijk om duidelijkheid te krijgen over de verantwoordelijkheden van de opeenvolgende regeringen en de vertragingen bij de uitvoering.
In haar brief van 14 oktober 2026, gericht aan het staatshoofd via de voorzitter van De Nationale Assemblée (DNA), stelt Jarbandhan dat de recente publieke uitlatingen van de regering een onvolledig beeld geven van de geschiedenis van het woningbouwproject. Zij benadrukt dat er tijdens de regering-Santokhi tussen 2020 en 2025 wel degelijk stappen zijn gezet om de juridische, financiële en technische obstakels aan te pakken, hoewel de woningen in die periode niet zijn gebouwd.
Project kent lange voorgeschiedenis
Volgens Jarbandhan werd de overeenkomst voor de bouw van 350 woningen in mei 2017 ondertekend, tijdens de regering-Bouterse. In 2019 ontstonden problemen met de beschikbare bouwgrond. De oorspronkelijke locatie, voormalig plantage Altona in Wanica, werd gewijzigd naar Sabakoe Village. Ook deze locatie bleek volgens haar niet geschikt voor de bouw van 350 woningen.
De DNA-vertegenwoordiger stelt dat de Chinese partners sinds 2019 bouwmaterialen in Suriname hadden opgeslagen, waarvoor maandelijks US$ 2.000 aan opslagkosten verschuldigd was. De Chinese partners zouden hebben aangegeven dat het project niet kon beginnen zolang de achterstallige kosten niet waren betaald. Volgens Jarbandhan zijn deze kosten tijdens de regering-Bouterse niet voldaan.
Voorbereidingen tijdens regering-Santokhi
Jarbandhan stelt dat de regering-Santokhi de openstaande opslagkosten vervolgens heeft betaald, waardoor het project kon worden voortgezet. Daarna zou het ministerie van Openbare Werken onder leiding van minister Riad Nurmohamed een juridische en technische herbeoordeling hebben uitgevoerd. Reeberg werd vervolgens aangewezen als de nieuwe bouwlocatie.
In maart 2021 werd aangekondigd dat het project zou worden voortgezet. In augustus 2022 keurde de Raad van Ministers de bouw goed. In april 2023 bezocht Nurmohamed Reeberg samen met een Chinese delegatie voor voorbereidende werkzaamheden.
Volgens Jarbandhan werd Reeberg ook vermeld als bouwlocatie in het officiële jaarverslag van het ministerie van Openbare Werken over 2023. Daarnaast maakte de staatsbegroting voor 2024 melding van een Chinese schenking van 176 miljoen yuan, destijds omgerekend naar ongeveer US$ 26,26 miljoen.
Hoewel het project volgens de parlementariër tijdens de regering-Santokhi niet tot de bouw van de woningen heeft geleid, stelt zij dat in die periode belangrijke juridische, financiële en technische belemmeringen zijn aangepakt.
Vragen over 102 woningen
Aanleiding voor het verzoek zijn onder meer recente uitspraken van minister Stephen Tsang, die heeft verklaard dat door mismanagement 102 woningen verloren dreigden te gaan.
Jarbandhan wil weten welke besluiten tot deze situatie hebben geleid, wie verantwoordelijk was voor de wijzigingen van de bouwlocaties en welke criteria daarbij zijn gehanteerd. Ook vraagt zij om duidelijkheid over de financiële verliezen vóór en na 2020 en over eventuele aanvullende middelen die China recent beschikbaar heeft gesteld.
Volgens haar moet de regering niet alleen aangeven welke problemen zij heeft aangetroffen, maar ook inzicht geven in de omstandigheden waaronder die problemen zijn ontstaan en de maatregelen die eerdere regeringen hebben getroffen.
Elf vragen aan de president
In haar brief stelt Jarbandhan elf vragen aan president Geerlings-Simons. Zij wil onder meer bevestiging van de oorspronkelijke overeenkomst uit 2017, informatie over de aanwezigheid van de Chinese aannemers sinds 2019 en een overzicht van de betaalde opslagkosten.
Verder vraagt zij welke juridische en technische problemen tijdens de regering-Santokhi zijn opgelost, welke besluiten hebben geleid tot het risico dat 102 woningen verloren dreigden te gaan en hoeveel financiële middelen vóór en na 2020 verloren zijn gegaan.
Ook wil zij weten hoeveel aanvullende middelen China beschikbaar heeft gesteld en wanneer de 350 gezinnen duidelijkheid krijgen over de oplevering van hun woning.
Tot slot vraagt Jarbandhan of de regering bereid is een volledig financieel, juridisch en technisch overzicht van het project vanaf 2017 tot en met 2026 openbaar te maken.
Gezinnen wachten al jaren op een woning
Volgens Jarbandhan moet het niet gaan om de vraag welke regering de eer voor het project krijgt, maar om de gezinnen die al bijna tien jaar op een woning wachten.
Zij pleit daarom voor volledige transparantie over de geschiedenis, de kosten, de genomen besluiten en de verantwoordelijkheden binnen het project. De parlementariër stelt dat de samenleving recht heeft op een volledig overzicht van de feiten, zodat duidelijk wordt wat er in de verschillende fasen van het project is gebeurd.





