
De Verenigde Staten zijn in Seattle uitgeschakeld op het WK voetbal. In een beladen achtstefinaleduel was België met 1-4 veel te sterk voor het gastland. De spanning in aanloop naar het duel liep op toen de tuchtcommissie van de FIFA op zondag besloot Folarin Balogun een voorwaardelijke straf te geven. De spits kreeg in de zestiende finales tegen Bosnië en Herzegovina een rode kaart na ingrijpen van de VAR, die vaststelde dat de aanvaller op het onderbeen van Tarik Muharemovic was gaan staan.
De beslissing van de tuchtcommissie kreeg extra lading toen bleek dat de Amerikaanse president Donald Trump aan FIFA-voorzitter Gianni Infantino had gevraagd de schorsing terug te draaien. De FIFA hield vol dat er sprake was van een onafhankelijk besluit.
Balogun verscheen aan de aftrap, maar speelde net als zijn ploeggenoten een zeer povere wedstrijd. Amerika liet geen moment het bij vlagen zeer goede spel van eerder dit toernooi zien en kwam er nauwelijks aan te pas. België maakte daarentegen wel een goede indruk. Bondscoach Rudy Garcia liet daarbij verrassend Kevin De Bruyne, Romelu Lukaku en Jérémy Doku op de bank beginnen.
Die keuzes pakten goed uit, want binnen negen minuten stond België al op voorsprong door een goal van Charles De Ketelaere. Amerika kwam door een vrije trap van oud-PSV'er Malik Tilman na een half uur op gelijke hoogte, maar anderhalve minuut later zette De Ketelaere België alweer op voorsprong. Hans Vanaken maakte twaalf minuten na rust 1-3 en het slotakkoord was in blessuretijd voor invaller Lukaku: 1-4.
In de kwartfinales neemt België het vrijdag op tegen Spanje, dat eerder door een doelpunt in blessuretijd met 1-0 won van Portugal. (NU)



