
De NDP-fractie in het parlement zal de aanklacht tegen de ministers Armand Achaibersing (Financiën en Planning), David Abiamofo (Natuurlijke Hulpbronnen) en Albert Ramdin (Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking), die ze op 29 december 2021 ingediend heeft bij waarnemend procureur-generaal Garcia Paragsingh, niet intrekken. Dat bevestigt NDP-fractieleider in de DNA, Rabin Parmessar, tegenover SUN. “Het gaat om twee verschillende zaken. De handelingen tot deze overeenkomst mochten nooit gepleegd worden”, zegt Parmessar. Gisteren is door de regering bekendgemaakt dat de deal met HPSG van de baan is. “Gebleken is dat door HPSG een onjuiste voorstelling van zaken was gegeven. Daarnaast is het Deense bedrijf elementaire verplichtingen uit de overeenkomst niet nagekomen en kan deze ook niet nakomen. Op grond hiervan heeft Suriname de nietigheid van de overeenkomst ingeroepen”, staat in een verklaring uitgegeven door de regering.
Regering luisterde niet
Met het afketsen van deze deal is de eerste en enige Foreign Direct Investment (FDI) die deze regering tot stand probeerde te brengen, een doodgeboren baby geworden. Volgens de NDP-fractieleider hoefde het niet zover te komen, als de regering geluisterd had naar de punten die de leden in de DNA aanhaalden al die tijd. “Er was een totaal verkeerde aanpak van zaken. Ter zake deskundigen in het land heeft de regering niet willen raadplegen. In tegendeel hebben ze gewerkt met allerlei geregelde mensen, friends & family en sponsoren, die geen kennis hebben van de zaak.
Nooit reactie van OM gekregen
Parmessar is ook teleurgesteld in het Openbaar Ministerie (OM). “Na de indiening van de aanklacht tegen de ministers in december 2021, hebben we tot de dag van vandaag nooit meer iets gehoord van het OM. Een aantal DNA-leden schrijven de pg aan en nooit krijgen we een reactie. Wat is het beleid van het OM. Dat is helemaal onduidelijk”, vindt de NDP-fractieleider.
Aanklacht tegen ministers
De NDP-fractie vindt dat de drie ministers namens de Staat Suriname een zeer nadelige overeenkomst voor 25 jaren hebben gesloten met NV Hybrid Power System Group Suriname (HPSG) op 19 maart 2021, waarbij de staat USD 100 miljoen per jaar moet betalen voor 100 MW stroom, ongeacht of de staat die hoeveelheid daadwerkelijk afneemt. In het verzoek aan de PG stelt de NDP-fractie dat de staat Suriname verbonden is aan een overeenkomst voor 25 jaren waarbij het Zwitsers recht leidend is. ‘Het is opmerkelijk dat het bedrijf HPSG Suriname, die in Suriname gevestigd is, slechts twee maanden voor het aangaan van de overeenkomst is opgericht en geen bewezen ervaring heeft op de gebieden zoals gesteld in de overeenkomst.” Volgens de fractieleden zijn de anti-corruptiewet en de energiewetten overtreden. Artikel 13 lid 1 van de anti-corruptiewet verbiedt de publieke functionaris om handelingen te verrichten, te adviseren, en besluiten te nemen, waarbij door hem wordt gehandeld in strijd met de terzake geldende wettelijke voorschriften, voorwaarden of procedures, om voor zichzelf of een ander enig onrechtmatig voordeel te verkrijgen en/of waarbij de Staat of een staatsinstelling opzettelijk enig financieel nadeel wordt toegebracht of financieel nadelige voorwaarden worden bedongen. Voorts is de NDP-fractie van mening dat de voornoemde bewindslieden ook artikel 21 van de Energiewet hebben overtreden. Dit omdat er geen openbare aanbesteding is gehouden om het bedrijf aan te trekken (en de overeenkomst aan te gaan). Dit is bijzonder opmerkelijk gelet op de grootte van het contract alsmede het beoogd doel. In het verlengde hiervan en conform deze wet wordt wederom aangekaart, onderzoek naar het bedrijf alsmede de benodigde ervaring welke deze moet bezitten om in aanmerking te komen.






