
Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) wil het gebruik van pesticiden in de landbouw beter controleren en de voedselveiligheid versterken. Minister Mike Noersalim zet daarom in op intensievere voorlichting aan landbouwers, strengere wetgeving en de afronding van een residulaboratorium. Ook worden biologische alternatieven en moderne landbouwtechnieken onderzocht om de productiekosten te verlagen.
Noersalim benadrukte woensdag 14 oktober 2026 dat landbouwers beter moeten worden voorgelicht over het verantwoord gebruik van bestrijdingsmiddelen. Daarbij gaat het onder meer om het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen, het naleven van veiligheidstermijnen en de gevolgen van onjuist gebruik voor de volksgezondheid.
De minister reageerde op zorgen die in de media zijn geuit over het gebruik van pesticiden bij de productie van groenten en andere landbouwproducten. Volgens hem ligt een deel van de verantwoordelijkheid bij de landbouwers zelf, maar moet ook de controle vanuit het ministerie worden versterkt.
Daarnaast bestaat het vermoeden dat verboden bestrijdingsmiddelen Suriname zijn binnengesmokkeld. Het land beschikt over een lijst van verboden pesticiden waarmee bij de controle rekening wordt gehouden.
Pesticidewet moet controle versterken
LVV werkt aan wetgeving die het ministerie meer mogelijkheden moet bieden om op te treden tegen overtredingen. Noersalim wil de pesticidewet uiterlijk in 2027 indienen en laten goedkeuren, als dit niet meer in 2026 lukt.
De wet moet een steviger juridisch kader bieden voor toezicht en handhaving. Ook wil het ministerie personen opleiden om op landbouwlocaties onderzoek te doen en monsters te nemen voor laboratoriumanalyses.
Volgens de minister is voorlichting alleen niet voldoende. Het ministerie moet ook over de capaciteit beschikken om vast te stellen welke stoffen in landbouwproducten aanwezig zijn.
Residulaboratorium bijna gereed
Een belangrijke stap is de afronding van het residulaboratorium van LVV. Volgens Noersalim zijn de bouwkundige werkzaamheden voor 99,9 procent voltooid. De oplevering wordt vóór eind oktober 2026 verwacht.
De aanschaf van de benodigde apparatuur staat gepland voor het eerste of tweede kwartaal van 2027. Dit maakt deel uit van een project met de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB). Ook moet personeel worden opgeleid om de apparatuur te bedienen en de onderzoeksresultaten te beoordelen.
Naast onderzoek naar pesticidenresiduen wil het ministerie de mogelijkheid creëren om zware metalen in landbouwproducten op te sporen. Hierdoor kan de controle op mogelijke verontreinigingen worden uitgebreid.
Biologische alternatieven
LVV onderzoekt ook mogelijkheden om biologische bestrijdingsmiddelen en andere alternatieve methoden te stimuleren. De afdeling Landbouwkundig Onderzoek, Afzet en Verwerking (DLOAV) houdt zich onder meer bezig met onderzoek naar deze toepassingen.
Volgens Noersalim brengen verschillende bedrijven al biologische middelen onder de aandacht. Het ministerie staat positief tegenover deze ontwikkeling, hoewel sommige alternatieven duurder kunnen zijn. Daarom wordt ook gekeken naar manieren om de productiekosten te verlagen zonder de voedselveiligheid in gevaar te brengen.
Investering in machines en drones
Naast de controle op pesticiden wil LVV de productiekosten in de landbouw terugdringen door mechanisatie en technologische vernieuwing. Voor de aanschaf van landbouwmachines is volgens Noersalim een bedrag van US$ 1,6 miljoen goedgekeurd. De aanbesteding heeft inmiddels plaatsgevonden.
De machines moeten landbouwers ondersteunen bij onder meer het plantklaar maken van terreinen. Een deel van het bestaande machinepark is defect, terwijl andere machines nog bruikbaar zijn.
Ook werkt het ministerie aan de inrichting van een afdeling Mechanisatie, die moet bijdragen aan een efficiëntere ondersteuning van landbouwers.
Vooral in de rijstbouw ziet Noersalim mogelijkheden om drones in te zetten bij het bemesten en bestrijden van plagen. Deze technologie moet werkzaamheden efficiënter maken en de kosten voor landbouwers helpen verlagen.
Volgens de minister moeten de maatregelen op het gebied van wetgeving, training, onderzoek en technologie gezamenlijk bijdragen aan een veiligere en betaalbaardere landbouwproductie in Suriname.





