
‘Ik vraag mij af waar de werkelijke zorgen van de stakeholders liggen. Want wanneer men zich zorgen maakt als de PG het veld moet ruimen vanwege haar politieke overtuiging, dan houd ik mijn hart vast voor dit instituut.’ Zo luidde zinsnede van het betoog van het NDP-parlementslid Iona Edwards gisteren in het parlement. Het hoogste college van Staat is nog steeds aan het beraadslagen over de herinrichting van de rechterlijke macht.
De NDP-parlementariër vroeg zich op basis van het bovenstaande het volgende af: ‘Ik denk niet dat we hier zijn als vertegenwoordiger van een procureur-generaal (PG).’ Voorafgaand aan dit aspect beklemtoonde de NDP’er ervan uit te gaan dat iedereen het daadwerkelijk meent en goede bedoelingen heeft met onze natie. ‘Iedereen in deze zaal wil dat het goed gaat met Suriname. Daarvoor zijn wij hier. Maar wanneer ik luister naar de verschillende bijdragen hier in het parlement, krijg ik soms de indruk dat wij bang zijn voor hervormingen.’
Macht dragen is niet eenvoudig
Edwards voerde aan, te begrijpen dat macht dragen niet eenvoudig is. ‘Juist daarom ben ik voorstander van een college van procureurs-generaal. Niet om de instituties te verzwakken maar juist om deze te versterken. En niet om alleen de rechterlijke macht te beschermen maar ook onze burgers,’ beklemtoonde de volksvertegenwoordiger. Ze beschouwt het eveneens als haar verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor een transparante eerlijke en toegankelijke rechtsgang voor iedere burger. ‘Geen enkel instituut kan en mag als ontastbaar worden beschouwd. Dat is geen aanval, dat is een kernprincipe van de rechtsstaat.’
Waken voor juridische drempels
Mogelijke voorstellen over de toetreding tot de Caribbean Court of Justice (CCJ), hierbij plaatste zij kanttekeningen of deze wijze van rechtsgang werkelijk toegankelijk zal zijn voor onze burgers. Echter, ook moet ervoor gewaakt worden dat er juridische drempels ontstaan bij het zoeken van internationaal recht. De instelling van een college van Procureurs-Generaal draagt bij aan de versterking van de rechtsstaat, stelde Edwards voorop. De samenleving verwacht daarbij duidelijke inborging tegen politieke inmenging. De kern hierbij is het waarborgen van kwaliteit integriteit en consistentie binnen de rechterlijke macht maar de vraag die hierbij gesteld kan worden is: wie beschermt uiteindelijk de samenleving?





