
Minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS) heeft donderdag 30 oktober 2025 de officiële lancering verricht van de Cost Sharing Grant en de certificering van het Export Initiation Programma. De ceremonie vond plaats in het Courtyard Marriott en markeert volgens de minister een belangrijke stap in Surinames traject naar economische diversificatie en versterking van de internationale concurrentiekracht.
Bouva benadrukte in zijn toespraak dat Suriname beschikt over groot potentieel aan innovatieve ondernemers, vruchtbare natuurlijke hulpbronnen en een gunstige geografische ligging. Toch blijven veel Surinaamse producten en diensten onbekend in het buitenland. “Het probleem ligt niet bij het talent, maar bij de toegang tot kennis, markten en de juiste instrumenten om succesvol te kunnen concurreren,” aldus de minister.
De bewindsman feliciteerde de eerste groep van vijftien gecertificeerde exportcoaches en sprak zijn waardering uit voor de zesentwintig bedrijven die inmiddels hun exportstrategie hebben ontwikkeld en met de uitvoering zijn begonnen. Hij noemde hen “pioniers van een nieuwe exportcultuur in Suriname” en prees hun inzet om internationale standaarden te omarmen.
Met de lancering van de Cost Sharing Grant zet Suriname volgens Bouva de stap “van planning naar actie”. De subsidie is bedoeld om bedrijven te ondersteunen bij het uitvoeren van hun exportstrategie via een co-financieringsmodel. “Het is geen gift, maar een partnerschap dat bedrijven helpt hun strategie om te zetten in tastbare resultaten,” zei de minister. De subsidie kan onder meer worden ingezet voor marketingmateriaal, digitale platforms, deelname aan handelsmissies, productcertificatie en het versturen van monsters naar potentiële internationale kopers.
De Cost Sharing Grant maakt deel uit van het Foreign Investment and Export Promotion Program (FIEPP), dat wordt gefinancierd door de Inter-American Development Bank (IDB) en uitgevoerd in samenwerking met het ministerie van BIS, de Suriname Investment and Trade Agency (SITA) en de Nationale Ontwikkelingsbank (NOB). Het programma richt zich op niet-extractieve sectoren zoals agribusiness, productie, dienstverlening en de creatieve industrie.
Bedrijven die nog geen exportstrategie hebben ontwikkeld, kunnen via de Export Coaching Facility gesubsidieerde ondersteuning krijgen bij het opstellen van een SITA-goedgekeurd Export Marketing Plan, dat toegang biedt tot het subsidieprogramma. De aanvraagprocedure is open en transparant. Subsidiepercentages variëren afhankelijk van de activiteit: productcertificatie kan tot 90 procent worden ondersteund en marketingmateriaal tot 50 procent.
Bouva benadrukte tot slot dat export “meer is dan het verkopen van producten”. Volgens hem is het “een nationaal project dat werkgelegenheid creëert, waardeketens versterkt en Surinames verhaal van kwaliteit, veerkracht en trots aan de wereld vertelt”. Hij sprak zijn dank uit aan de IDB, SITA, de Nationale Ontwikkelingsbank, exportcoaches en ondernemers die bijdragen aan deze economische transformatie.
“Samen kunnen we bouwen aan een economie die met vertrouwen concurreert, met visie innoveert en met trots exporteert,” besloot minister Bouva.





