
Het klinkt als iets uit een verre documentaire, maar ook in Nederland komt het hantavirus voor. Jaarlijks raken zo’n 5 tot 15 mensen besmet, meestal na het opruimen van een schuur, zolder of vakantiehuisje waar muizen hebben gezeten. Artsen benadrukken: de kans is klein, maar de gevolgen kunnen ernstig zijn.
Besmetting via stof
Hantavirussen worden verspreid door knaagdieren, vooral via hun urine, uitwerpselen en speeksel. “Je wordt er niet zomaar verkouden van,” legt infectioloog dr. Eva Janssen uit. “Het gevaar zit hem in het inademen van stof met opgedroogde muizenpoep.”
Dat gebeurt bijvoorbeeld bij het vegen of stofzuigen van een ruimte waar lang muizen hebben gezeten. Ook direct contact met knaagdieren, een beet of besmet voedsel kan tot besmetting leiden. Van mens op mens verspreidt het virus zich vrijwel niet. Alleen de Andes-variant in Zuid-Amerika kan in zeldzame gevallen worden overgedragen.
Twee varianten: longen of nieren
Wereldwijd zijn er twee hoofdvormen. In Amerika komt het Hantavirus Pulmonary Syndrome (HPS) voor, met koorts en spierpijn die na enkele dagen overgaat in ernstige benauwdheid door vocht in de longen. Het sterftecijfer ligt rond de 35%.
In Europa en Azië, waaronder Nederland en België, gaat het om Hemorrhagic Fever with Renal Syndrome (HFRS). Deze variant is milder en wordt hier vooral veroorzaakt door het Puumala-virus, dat de rosse woelmuis bij zich draagt. Symptomen zijn hoge koorts, hoofdpijn, rugpijn en later nierproblemen. De ziekte staat ook bekend als nephropathia epidemica. Het sterftecijfer ligt tussen 1% en 15%.
Symptomen lijken op griep
De eerste klachten treden 1 tot 8 weken na besmetting op en lijken op griep: plotselinge hoge koorts, heftige spierpijn in rug en dijen, hoofdpijn en misselijkheid. Bij de Amerikaanse variant komt daar na 4 tot 10 dagen kortademigheid bij. Bij de Europese variant staan nierklachten en puntbloedinkjes in de huid op de voorgrond.
Geen medicijn, wel preventie
Een specifiek medicijn of vaccin tegen hantavirus is er in Europa niet. Patiënten worden in het ziekenhuis ondersteunend behandeld met zuurstof, vocht of dialyse. “Hoe eerder je erbij bent, hoe beter de prognose,” aldus Janssen.
Voorkomen is daarom cruciaal. Het RIVM adviseert:
- Ventileer ruimtes waar muizen zaten minimaal 30 minuten voor je begint met schoonmaken
- Gebruik geen bezem of stofzuiger, maar een natte doek met bleekwater
- Draag handschoenen en een mondkapje bij het opruimen van nestmateriaal
- Dicht kieren in huis en bewaar voedsel afgesloten
- Slaap tijdens het kamperen niet direct op grond met muizenkeutels
